(bedrijfs)reportages, evenementen, fotoshoots, portretfotografie, webdesign

Archief voor 3 juni 2011

STUDIO56-Insecten-vervolg-De hommel


Hommels zijn zo nauw verwant aan de bijen dat ze in de taxonomie niet als aparte groep worden gezien maar beschouwd worden als grotere en sterker behaarde bijen. Er zijn ongeveer 400 soorten hommels die vrijwel wereldwijd voorkomen. De meeste soorten leven op het noordelijk halfrond, vooral in berggebieden.

Hommels zijn aangepast om te overleven in een wat kouder klimaat. Het lichaam is voor een insect relatief groot en is zowel lang- als dichtbehaard, waardoor de warmte goed wordt vastgehouden. Daardoor komen hommels zelfs voor op de koude toendra’s in het hoge noorden. De lange beharing is echter een nadeel bij warm weer, ze moeten dan veel rusten. De hommel op de foto hieronder had het dan ook heel zwaar:

Er zijn twee groepen hommels; de bekendste zijn de soorten die een nest maken net zoals andere vliesvleugeligen zoals mieren, bijen en wespen. Het hommelnest blijft in de regel kleiner dan dat van andere sociale vliesvleugeligen.
Er zijn ook hommels die zelf geen nest maken maar de eitjes in het nest van andere soorten leggen, de koekoekshommels, deze missen ook de stuifmeelkorfjes die de andere hommels wel hebben.

In tegenstelling tot de bij heeft de hommel ook stevige kaken; deze worden alleen gebruikt om bloemen stuk te knippen om bij de nectar te komen.

Een hommel heeft een groot lichaam maar relatief kleine vleugeltjes. Met de wetten van de aerodynamica kon men lange tijd niet verklaren dat een hommel kan vliegen. Na onderzoek bleek dat hommels een trucje hebben uitgevonden waardoor ze toch kunnen opstijgen. Door de op- en neergaande beweging van de vleugels ontstaan luchtwervelingen die zorgen voor een opwaartse kracht waardoor de hommel, hoewel hij eigenlijk te zwaar is, toch kan vliegen. Hommels halen dus extra energie uit de manier waarop de vleugels bewegen, en dit fenomeen wordt in de aerodynamica diepgaand bestudeerd om er voordeel uit te halen.